Naar startpagina
 

Overzicht mountainbikesOverzicht racefietsenOverzicht HybridesDiverse speciaal opgebouwde fietsenOverzicht 2e hands fietsenKijkje in onze winkel, werkplaats en routebeschrijvingOverzicht accessoiresOverzicht kledingOverzicht van sponsoringDiversen

Rijwielpaleis Bilthoven:  MTB marathon Malmedy (3e wedstrijd RWP Marathoncup)
 

 

 MTB marathon Malmedy  (3e wedstrijd RWP Marathoncup)

Voor het 5e jaar in successie wordt de RWP Marathoncup verreden en dit jaar werd voor de 2e maal Malmedy aangedaan als onderdeel uit de serie. Deze marathon in Malmedy geldt als de zwaarste uit de serie van 6 wedstrijden. Niet alleen door zijn lengte en aantal hoogtemeters, maar ook door de moeilijkheid van het parcours.
1 van de trouwe deelnemers aan deze wedstrijd was Emiel Kunkeler die in het bekende zwart/geel wellicht zijn beste wedstrijd ooit reed en een zeer goede eindklassering bij elkaar reed eb hele goede zaken deed voor het klassement.
Vanaf deze plaats complimenten voor zijn prestatie.

Van Emiel kregen we onderstaand verslag en kan je lezen hoe hij de 115 km overleefde.

Een echte marathon: Raid Des Hautes Fagnes

De wekker snerpt irritant hard door de slaapkamer. Ik schrik wakker. Nog lang niet uitgeslapen. Het is kwart voor vijf in de ochtend. En het is zondag. Waarom gaat die klotewekker zo vroeg? O ja, het is zover.... De Raid Haute Fagnes moet vandaag gereden worden. Was ik maar wat vroeger naar m’n nest gegaan. Dan had ik Nederland - Rusland gemist inclusief de verlenging. Maar ja, wist ik veel dat ze er toch uit zouden vliegen?

Ik sta snel op, m’n vrouw mompelt nog iets van ‘succes’ en weg ben ik. Alles staat beneden klaar. Ik prop twee boterhammen naar binnen, drink twee bekers melk en stap bij Marc Kooiman in de auto. We reizen vaker samen naar Marathons. Gaan we de dag ervoor al, dan pakken we mijn camper, gaan we in één dag op en neer dan proppen we alles in Marc z’n Peugeot. Vandaag wordt het proppen. De eerste helft rijdt Marc en slaap ik nog wat, de tweede helft wisselen we.

Klokslag 8 uur zijn we bij de Expo in Malmedy. Mooi op tijd want de start van groep 1 is om 9 uur. Mark start in groep 2 en haalt de startnummers op. Ik kleed me om, neem een banaan met een blikje redbull (koffie zit er niet in vanochtend), drink nog een bidon leeg (binnen is binnen) en kijk of ik alles heb: drie 100 grams gelletjes, 2 energybars, twee 750ml bidons met energydrank, een reparatieset en twee luchtpatronen. Ik steek alles bij me, smeer de benen in en praat nog wat met diverse bekenden. Henk en Koen van Haaster zijn weer van de partij, en ook Tim van Leek komt even buurten. Dan nog even snel warm rijden. Niet te lang want de koers is al lang zat en ik wil ook een beetje voor in het startvak staan want ik voel me sterk vandaag ondanks de korte nachtrust.

De marathon

Vorig jaar m’n beste jaarprestatie daar in Malmedy gereden. Hij ligt me want is zwaar en technisch. Een superparcours. Alles zit erin: Hele steile klimmen en super technische afdalingen, losse keien, drop-offs, passages door riviertjes, boomwortelkimmen, Kortom: the real thing!
Dit is waar het om gaat. Hier trainen we voor. Vorig jaar was de RDHF nog 105 km met 2500 hm. Toen heb ik ‘m in 5:55 uur gedaan. 60ste over all en 13de Masters2. Dit jaar reken ik op 6:45 uur. Hij is een stuk langer (115km), maar vooral veel meer hoogtemeters (2900hm). En een klimmer ben ik niet.

Van de site www.rdhf.be :Er is een veeleisende route uitgezet in de volle natuur, 95% off road, met 20 hellingen, die samen bijna 25 km klimmen inhouden. De 3 lastigste hellingen met 15 tot 20% stijging, bevinden zich bovendien in de laatste 20 kilometers

De start

Kwart voor negen, exact 4 uurtjes nadat de wekker ging in Hilversum sta ik in het startvak in Malmedy. Het is nog vroeg maar toch al 27 graden. Het zweet loopt nu al van m’n kop, alleen al door het warm rijden. Ik sta in het tweede vak achter een lint.
Daarvoor staan de eerste 75 geselecteerde eliterijders. Ik praat nog wat met de jongens om me heen, meest Belgen, Brabanders en Limbo’s zo te horen. Ik geef m’n fiets aan m’n buurman en zoek nog even een boom op. Nu kan het nog.
De meesten waren hier gisteren al en sliepen in herbergen of op campings. Richard de Boer (clubgenoot MBC Midden Nederland) staat schuin voor me; Heb je er zin in Kunk? vraagt hij. Nee, het is vandaag veel te warm om te fietsen Richard. Er wordt wat gelachen. De sfeer is zoals meestal goed. In tegenstelling tot XC-wedstrijden is iedereen ogenschijnlijk ontspannen. Al zie ik op de horloges op de sturen om me heen al hartslagen boven de 100. Adrenaline!

Opeens klinkt er een schot. Zonder duidelijke aankondiging zijn we plotseling weg. Typisch Belgisch. Ik klik snel in en trap mezelf een plek of twintig naar voren om bij de startklim niet in het gedrang te zitten. De startklim is een kuitenbijter. Dat weet ik nog. 14% klimmend het dorp uit als warming up....
Vorig jaar kwamen me hier al 40 man voorbij. Maar dit jaar ben ik beter in vorm. Ik rijd makkelijk mee met de groep waarin ik me bevind. Ik raak niet buiten adem en houd m’n hartslag netjes rond de 162. Dat is mijn streefhartslag voor een continue race. Al hangt dit af van de vorm van de dag. Maar die voelt goed. Het beloofd een mooie dag te worden.

De race

Ik trap flink door maar blijf m’n hartslag in de gaten houden, zeker de eerste 15 kilometers. Ik wil nog wel eens te hard van start gaan. Al heb ik wat dat betreft dit seizoen m’n leven gebeterd. Ik rij lekker en voel me prima. Maar de koers is nog lang.
Na een uurtje zie ik zowaar Koen van Haaster rijden. Die werd in Saarschleifen twee weken geleden nog 12de over all. Is dus in bloedvorm. Ik rij naar hem toe en vraag hoe het gaat. Slecht! Het gaat slecht. Ik kom niet in m’n ritme. Ik steek ‘m een hart onder de riem en zeg dat de rit nog lang is en dat hij vast nog wel gaat herstellen. ‘Ik hoop het’ is het antwoord. Ik rij m’n eigen tempo verder en tot m’n verbazing rij ik makkelijk bij hem weg.
Ben ik vandaag zo goed of is hij....? Ik weet het dan nog niet.

Ik besluit me er niet te druk over te maken en gewoon mijn race te rijden. De afdalingen vragen maximale concentratie dus er is afleiding genoeg. Ze zijn super technisch. En het stuitert naar beneden en ik heb al mijn stuurmanskunst nodig. Ben blij dat ik fully rij. Soms is het zo steil dat ik met m’n hele lichaam achter het zadel hang. De losse en scherpe keien ontwijkend. Ik geniet van de intensiteit van het mountainbiken in de Ardennen. Dit is het echte werk. Hier onderscheiden de mannen zich van de jongens. Met dank aan onze trainer Max de Vries. Veel van geleerd want zo’n technische rijder was ik 5 jaar geleden nog niet. Maar nu gaat dit terrein me goed af. Ik dender naar beneden, laat de fiets rollen en rem nauwelijks. Ik barst van het zelfvertrouwen en durf harder te dalen dan ooit. Waarom weet ik niet. Maar het loopt gewoon.
Niet verkrampen, laat die fiets maar komen, vang de klappen op met je armen.... druk op de pedalen houden.....ook in de bochten... ....ontspan je rug en schouders. Deze race gaat te lang duren om niét ontspannen te rijden.

Het lukt Ik daal soepel af, ontwijk de scherpste keien en kies de ideale lijn. Wat in trainingen soms niet lukt, lukt nu wel. Focus? Adrenaline? Zou kunnen. Regelmatig staan er bikers langs de kant met lekke banden. Ik maak me niet echt zorgen want ik rijd Tubeless met vloeibare latex erin. Kans op stootlek is nihil dus. Wel kan de wang van de band opengereten worden door zo’n scherpe steen. Dan is het over. Niet aan denken. Goed sturen!

Ik trap flink door en zie voor me een aardig groepje rijden. Het is nog lang en ik besluit naar deze groep toe te rijden om in de Hoge Venen wat samen te kunnen werken. Het is daar een soort hoogvlakte waar het flink kan waaien. Ik haal ze bij al kost me dat meer moeite dan ik gedacht had. Er begint dan ook net zo’n vervelend grasstuk vals plat omhoog. Niet mijn terrein. Het loopt even totaal niet. Ik kan net bijblijven en vraag me af of dit wel zo slim was. Er rijdt een Belg voorop die flink tempo maakt. Het zijn trouwens bijna allemaal Belgen. Mijn hartslag gaat naar de 168. Dit moet niet te lang duren. Ik verzuur maar ben eigenwijs en blijf in het wiel. Gelukkig komen we na een kwartier op een, voor mij, beter lopend stuk uit. Ik herstel snel en neem de kop. Moet ik niet doen natuurlijk maar zit in de aard van het beestje. Ik ben iemand die graag samenwerkt, geen profiteur. Ik laat me dan na 5 minuten toch weer zakken en volg de groep. Er wordt flink door de wind gereden. We zijn op de helft. Bij een verzorgingspost tank ik m’n twee bidons allebei vol. Perfecte timing, ik nam net de laatste slok. Een goed gevoel weer voldoende drinken te hebben. Zonder drinken sterf je op je fiets. Al ben je nog zo goed (ja ook dat heb ik meegemaakt). Gelukkig stopt ons hele groepje en al snel rijden we weer samen. Tijdens een lastige passage rijd ik voorop. Als ik na een kwartier achterom kijk rijd ik alleen. Ben ik verkeerd gereden? Nee, hier staat een pijl. Hoe kan dit? Dat waren goede renners!

Een half uur later blijkt dat ik te vroeg heb gejuicht. Het tempo zakt. Shit! M’n hartslag gaat naar de 148. Rij nou door man. Geen power meer. Een gelletje erin, en een stuk reep. Toch te hard gereden toen ik naar dat groepje reed? Was ik er maar achter gebleven! Met dit tempo zitten ze zo weer bij me. En inderdaad, een kwartier later komen ze me voorbij. Eikel, scheld ik mezelf verrot, waarom rij je dan ook bij ze weg. OK nou even slimmer wezen.
Berry Hollander komt naast me rijden. Wat doe jij hier vraagt Berry? Jij bent toch Masters 2?

Nou fietsen zeg ik, maar het gaat nogal lekker. Berry staat 5de bij de RWP Masters 1. Je ligt goed dan, je ligt voor Frank Zandvliet. Daar heb ik nog nooit voor gezeten, antwoord ik. Niet verkeerd dan. Kom op! Fietsen man, moedigt Berry me aan. Vanaf dat moment gaat het wonderlijk genoeg ook weer beter.

4 uur gefietst en ik zit weer in m’n cadans. Het zweet gutst van m’n kop. Ik zie de druppels vallen. Ik klim met m’n shirt open en rits het in de afdalingen weer dicht. In een technische stuiter-afdaling glijdt m’n voorwiel weg van een boomwortel, ik ga recht op een grote kei af. Net op tijd kan ik corrigeren. Slippend ontwijk ik de kei. M’n velgen zijn nog heel. Ik ben nog heel. Ik vraag me af of deze marathon ook zo leuk is voor de minder getrainde. Zowel fysiek als technisch. Ik zie steeds vaker mensen helemaal kapot zitten. Zij rijden de 90km of 65km. Soms lopend met de fiets aan de hand. Niet meer in staat 15% of steiler te trappen. Maar ook 115 km rijders krijgen het nu moeilijker en haal ik steeds vaker in. Motiveert wel. Later hoor ik dat er veel over de weg terug zijn gereden. Ongeveer 1/3 van de 115 km renners(!).

Ik trap weer lekker nu. De adrenaline van een bijna valpartij. Ik ben helemaal bij de les.
M’n hartslag gaat weer naar de 160, in de klimmetjes oplopend richting 170 en ik voel me goed. Waarschijnlijk toch te laat een gelletje genomen net, denk ik.
Ik reken en stel m’n doel bij naar 6:15 en trap weer flink door. Zou een supertijd zijn voor mij. Ik besluit nu consequent elk half uur een slok gel te nemen. Daar mag het niet op fout gaan. En ik heb zat bij me. Ik voel voor de zekerheid in m’n achterzak. De gelletjes zijn er nog maar m’n bril is pleitte. Jammer. Wat kostte die bril ook al weer? Niet aan denken ... fietsen Kunk! Ik trap door. En weer rij ik bij ze weg. Maar nu voorgoed.

Achterblijvers:
Er zitten nu steeds meer mensen die kortere afstanden rijden op het parkoers. Ze zijn langzamer en dat is lastig. Veel inhaalwerk en daarvoor is het soms wat smal. Veel single tracks. Ik wil ze niet opjagen maar ik wil er wel langs. Ik hou me in, die mensen hebben ook recht op een leuke wedstrijd. Waar het kan roep ik rechts-voorbij of links-voorbij. De meesten reageren sportief. Bij een bruggetje met een opstapje zie ik een file van bikers staan. In een split second besluit ik ‘dat niet’ en schiet rechtsaf de oever van de rivier af en knal ’m het water in. Halverwege de rivier liggen wel erg grote keien. Dus afstappen en verder rennen. ‘Kijk mannen, zo kan het ook’ roept iemand achter me op de brug. Zo dat waren er weer een stuk of 10 denk ik.

Nog anderhalf uur. Je zal maar de Salzkammer doen, dan moet je nu nog 8 uur trappen. Respect voor Fred. Ik vind deze al lang zat. De Salzkammer is waarschijnlijk minder technisch maar heeft weer veel langere klimmen. Maar 206 km biken; wat een hel! Ik vond de Swiss Bikemasters in 2007 al killing met 5000hm in 120km. Nee voor mij geen Salzkammer. Althans nog niet. Maar zeg nooit, nooit.
Ik concentreer me weer op de volgende afdaling.

Na 5:15 uur komt Luc Koning me voorbij. De nummer 1 van het RWP klassement Masters2 met een straatlengte voorsprong. Zat die achter me? Ik geloof m’n ogen niet. Nou ja, hij zát achter me, nu zit ie vóór me. Lekker belangrijk. Doorfietsen. Aanpikken denk ik. Het gaat even goed, maar dan is Luc weg. Laten gaan denk ik, niet forceren. Het is nog te ver om alles te geven nu.

Ik trap m’n eigen tempo weer. Berg op, berg af. HR163. Vasthouden die hartslag en dat tempo. Tot m’n verbazing haal ik Luc toch weer in. Maar niet voor lang. In een klim moet ik hem echt laten gaan en nu voorgoed. Maakt niet uit. Doortrappen, eten, drinken, concentratie bij het dalen, ideale lijn zoeken bij het klimmen... Sommige klimmetjes zijn net te trappen op de granny. Ik vertik het te gaan lopen. Maar soms moet het even. Bij een passage met oranje vangschermen, bekend uit het alpineskién, moet ik eraf en klauter over de keien. Voel ik daar een begin van kramp in m’n kuiten? Shit, rustig aan. Weer op de fiets en een lichter verzet trappen. Even geen risico. Kramp is klote. Het gaat goed. Doortrappen. Nog drie kwartier. Ik haal steeds meer korte afstanders in. Waarom zijn ze niet sneller denk ik, ze hoeven minder ver. Onzin natuurlijk. Het is voor iedereen zwaar. En 90km is eigenlijk ook al een volwaardige marathon.

De finish

We naderen Malmedy.
Ik kom op een stuk asfalt, neem nog wat gel, een slok water en een hap van een reep. Niet dat het zin heeft zo vlak voor de finish, maar ik heb gewoon trek. Ik wordt wat te makkelijk en rijd wat te rustig. Terwijl ik zit te denken dat het niet ver meer kan zijn, knalt opeens in een flits Koen van Haaster vol gas voorbij. Met nog een biker in z’n kielzog. Zonder na te denken sprint ik naar ze toe. Maar dat duurt even want ze reden volle bak. Ik kom toch in hun wiel. Ze kijken verbaasd om. Jíj bent een taaie zeg! zegt de biker die achter Koen rijdt. Klopt, Een ouwe taaie! En tegen Koen: Wat dachtje, erop en erover?

Ja proberen he, ik wou je niet op sleeptouw hebben. Koen zit in de klasse onder 23 en is sterk. Maar ik besluit m’n huid duur te verkopen.

We gaan een klimmetje in en Koen rijd weg. Ik denk jammer en laat ‘m gaan. 10 seconden later denk ik onzin, erachteraan en zet ik toch de achtervolging in. We rijden parallel aan een berghelling met veel boomwortels waar ik vorig jaar nog onderuit schoof. Ik kom dichterbij. Het kan nog. In de laatste afdaling over een lange trap haal ik Koen toch weer bij. De derde man is al nergens meer te bekennen.
We denderen Malmedy in. Vol gas halen we nog wat bikers in. We hebben beide over. Een goed gevoel na 115 km. Ik laat Koen op kop rijden en besluit voor de laatste bocht te demarreren. In de laatste bocht wil ik binnendoor, maar Koen gooit het gat dicht. Ik ben niet zo bang aangelegd en zet m’n fiets er toch tussen. Hey, roept Koen dat kan niet. Schouder aan schouder, stuur aan stuur schieten we de bocht door. Dat kon best denk ik. Sterker nog, daar trainen we op met Max. Het is een cross-country finish met sprint die normaal in een Marathon niet vaak voorkomt. Maar Koen en ik geven elkaar geen duimbreed toe. Helaas komt er nog een bocht. Die was er vorig jaar niet. Nu gooit Koen ’m er in de binnenbocht tussen. Koekie van eigen deeg. Dit is een U-turn. Ik geef hem ruimte want wil geen valpartij en sprint achter hem aan op het laatste rechte stuk. Kom er nog dichtbij, maar het is te kort naar de streep. Koen wordt met een banddikte verschil 39ste en ik 40ste over all.

Ik feliciteer Koen. We hebben exact dezelfde tijd 6:09:11. Ik heb mezelf overtroffen. Dit was mijn beste Marathon tot nu toe.
Maar ik heb dan ook hard getraind de laatste maanden En vooral goed getraind met de schema’s van Tim Heemskerk (TTP). Waarin de trainingen van Max de Vries prima in te passen waren. Uiteindelijk moet je het wel zelf doen natuurlijk, en dat ging vandaag super.

Na afloop

Ik heb een recordaantal van 930 punten voor de RWP-cup en sta ineens 2de in het algemeen klassement M2. Loon naar werken denk ik.

Met een zeer voldaan gevoel neem ik een douche en ga weer naar de finish. Eén voor één druppelen ze binnen. Iedereen is volledig gesloopt. Ik spreek Bea Winters nog even. Zij moet naar het ziekenhuis met een diepe snijwond in haar arm die gehecht moet worden. In de laatste afdaling gevallen. Ik haal nog een blikkie voor haar en wens haar succes. Ondanks de valpartij wordt ze 9de bij de dames op de halve. Knap werk.
Ik kom Tim van Leek (clublid MBC Midden Nederland) tegen en vraag hem hoe het ging. Tim antwoord dat hij eerst even over z’n nek moet. Later spreek ik Tim en blijkt dat hij lekker heeft gereden met een tijd van 7:17 uur een 149ste plaats. Prima prestatie! Alleen helaas wat maagproblemen aan het eind van de marathon.

Ik praat nog even na met winnaar Ramses Bekkenk die er alweer fris bij zit. Hij heeft een superdag gehad. Hij reed op Nobby Nics met 1,8 bar voor een optimale grip. Dit is vrij zacht (Ikzelf reed met 2,1 bar) Zachte banden geven een hogere rolweerstand. Maar met zijn kracht is grip belangrijker. Zeker in de Ardennen. En het pakte goed uit voor Ramses; Hij won met 5 minuten voorsprong op de nummer 2. Volgens Ramses was dit het mooiste parcours wat hij ooit heeft gereden. Veel zwaarder of technischer dan dit kunnen ze het volgens hem niet maken.

Ik zie Patrick de Leeuw (clublid MBC Midden Nederland) over de finish komen. De Wedstrijd-speaker wil een diepte-interview met hem houden, maar Patrick spreekt even geen woord Frans. Hoe ging het Patrick? Vraag ik. ‘Wil je een fiets kopen?’ is het antwoord. Ook Patrick zit er volledig doorheen. Hij werd 143ste op de 90km in 7:12 uur. Toch knap want zoveel marathons rijd Patrick niet.
Bij de Aquarius-stand kom ik Colin Meerveld (clublid MBC Midden Nederland) tegen Hij heeft ook lekker gereden. Heeft een periode wat rustiger getraind maar gaat nu weer conditie opbouwen. Goed dat te horen! Richard de Boer (clublid MBC Midden Nederland) heeft de 115km gereden met als doel; uitrijden. Ook dat is gelukt. Al verwacht ik van Richard de komende Marathons wat meer competitiedrang naar voren.

Op 8:33 uur komt Marc Kooiman (clublid MBC Midden Nederland) binnen. Het onweert dan al en Marc is compleet gesloopt. ‘Dit was te ver voor mij.... rij jij terug? Ik heb het gehad!’ We proppen de fietsen weer in de auto en ik rij terug naar Hilversum.

Die wolkbreuk en het onweer en zelfs de hagelstenen onderweg kunnen de dag niet meer verpesten.

  • Het was super!
  • Wat een wedstrijd!
  • Hier zat echt alles in wat Mountainbiken zo mooi maakt.
  • Maar wat was hij zwaar ......
  • Eén ding is zeker: Deze rij ik volgend jaar weer!
Emiel Kunkeler

 

 
       

      

Aan de informatie op deze pagina's  kunnen geen rechten ontleend worden.
Rijwielpaleis Bilthoven B.V.  Koperwieklaan 1  3722 CA  Bilthoven. Tel (030) 2280713  Fax (030) 2281970  email: info@rijwielpaleis.nl
Copyright © Rijwielpaleis Bilthoven, webdesign by Barney